Marcel's Wereld

 

Oman – Daarheen en weer terug – Dag 6

Muskaat, 26 april 2010

Vandaag was mijn laatste ‘werkdag’ op het Rijnland Lyceum Muscat en deze was gereserveerd voor de allerkleinsten. Negen kinderen - van wat bij ons de onderbouw heet - kwamen luisteren naar Bino, spelen met de handpoppen en meezingen met de liedjes.

De Nederlandse onderbouwkinderen luisteren naar Marcels verhaal

De kinderen zitten allemaal op The British School, waar het heel anders aan toegaat dan in Nederland. Niet alleen zijn schooluniformen verlicht – en is Engels de voertaal – maar de kinderen mogen er ook veel minder dan bij ons. Luisteren doe je in kleermakerszit (zodat je ledematen niet gaan bewegen) en uiteraard ben je stil als de meester of de juf praat.

Het kostte mij dan ook een paar minuten om de kinderen aan het lachen te maken en in hun comfortzone te brengen. Maar na een paar flauwe (maar voor kleuters hilarische!) grappen over pinguïns in de woestijn, kwamen ze los! Ze lachten, zongen, luisterden intensief naar de verhalen over walvissen, beren die zoek raakten in de sneeuw en albino pinguïns. Ze pakten de handpoppen en speelden mee tijdens het voorlezen.

Spelen met de Binopoppen

Voor alle duidelijkheid: dit zijn kinderen uit groep 1 t/m 3, waarvan er sommige behoorlijk en de rest redelijk Nederlands verstaat maar veelal nauwelijks spreekt. Dit zijn kinderen die vloeiend (en prachtig!) Brits-Engels spreken, een beetje Nederlands en vaak ook nog een derde taal, zoals Russisch of Duits, als één van de ouders daarvandaan komt. Dat betekende dat zelfs de Bino prentenboeken (gemaakt voor groep 1 en 2) veel uitleg vergden.

Een pinguïn die Kuifje heet, zegt deze kinderen niets, een kuif is geen woord dat ze dagelijks tegenkomen. En rijmwoorden is voor de meesten al helemaal een stap te ver. Daarom bespraken we iedere pagina uitgebreid, bekeken we de tekeningen en legden we aan elkaar uit wat iets betekende. De kinderen vulden de verhalen aan met hun eigen ervaringen. Zo kende het half-Russische meisje sneeuw voornamelijk uit Rusland en had een ander een walvis gezien voor de kust van Oman.

Het was al met al een magische ochtend en ik nam met spijt in mijn hart afscheid van de kinderen en de school, maar niet voordat ik alle gekochte boeken gesigneerd had, en van een boodschap voorzien.

Het contrast met het Muscat City Centre, de grootste shopping mall van het land, had niet groter kunnen zijn. Het is van top tot teen Amerikaans, met een groot filiaal van Borders (waar meer Engelstalige boeken staan, dan Arabische), McDonald’s, Zara, Hugo Boss en zelfs de Bata. Als de mall niet bevolkt met door dames met hoofddoeken of burka’s of mannen met jurken, dan waande je je in de United States of America. Ik heb er dan ook een heerlijke BBQ Bacon Burger gegeten.

BBQ Burger

Ik vroeg mijn gastheer over de burka’s en hoofddoeken. Hij vertelde dat ongeveer 60% van de vrouwen op de één of andere manier bedekt gekleed gaat en dat dit percentage hoger ligt dan pakweg twintig jaar geleden. Dat dit geen religieuze reden heeft, is wel duidelijk als je het straatbeeld bekijkt. De hoofddoeken lijken met name statusverhogend; stijlvol, van prachtige kwaliteit en uitermate modieus. Zo mooi dat zelfs meneer Wilders hier iets positiefs over op te merken zou moeten hebben.

Of misschien ook niet.